De auteurs betogen tien jaar na de oproep van Over de brug dat er nog altijd veel werk aan de winkel is om de ambitie van ‘een derde meer herstel’ van mensen met ernstige psychische problematiek te realiseren. Twee voorbeelden laten zien hoe een moderne inrichting van de ggz in nauwe samenwerking met het sociaal domein daarbij kan helpen en welke strategische thema’s hierbij een rol spelen.
14.1 ACHTERGROND
De ggz staat onder druk door een toename aan psychische klachten, gebrek aan middelen in de Zvw (zorgverzekeringswet) en het sociale domein en een bijkomend personeelstekort op alle niveaus van scholing. Eén op de vier Nederlanders heeft jaarlijks te maken met mentale gezondheidsproblemen en het aandeel stijgt. Dus zullen de ggz-uitgaven naar verwachting blijven stijgen. Tegelijkertijd heeft het versnipperde ggz-, zorg- en sociale landschap in Nederland onvoldoende antwoord op de domeinoverstijgende behoeften van mensen met complexe mentale gezondheidsproblemen. Deze conclusie kunnen we, tien jaar na de oproep uit Over de brug om vooral de handen inéén te slaan en gezamenlijk de kansen van ambulantisering en de transitie naar het lokale, gemeentelijke initiatief te benutten, nog altijd trekken.
Weliswaar hebben de afgelopen jaren ggz-instellingen hard gewerkt om gedecentraliseerde generalistische wijkteams op te richten (en specialistische zorg anders in te richten) om zo de voorwaarden te creëren om samen te kunnen werken met het sociaal domein. Die samenwerking vindt soms plaats in één pand, soms in één team, soms in één gezamenlijke intakefase. Vaak is ze georganiseerd rondom één gezamenlijke cliënt. Iedere vorm van samenwerking heeft vele eigenaren en vele verschillende namen gekregen. Blijkens de eerdere evaluatie van Over de brug (Couwenbergh & Van Weeghel, 2019) en verschillende onderzoeken (Kroon et al., 2021; Menting et al., 2021; Engelsbel et al., 2024) hebben alle inspanningen (nog) niet geleid tot daadwerkelijk méér herstel, laat staan tot de geformuleerde ambitie om een derde meer herstel te realiseren.
In Nederland wint de beweging aan kracht om de ggz te hervormen tot een ecosysteem van mentale gezondheid waarbinnen transdiagnostisch (zie kader) wordt gewerkt met een pluriform, procesgericht en modulair aanbod en waarin de grenzen naar aanpalende domeinen ‘doorlatend’ zijn. Bottom-up initiatieven zijn hierbij de drijvende kracht. Binnen Reinier van Arkel zijn, onafhankelijk van elkaar, twee teams ontstaan die deze visie proberen uit te voeren.
TRANSDIAGNOSTISCH DENKEN EN WERKEN
Transdiagnostisch denken sluit aan bij de trend om psychische stoornissen meer dimensioneel dan categoraal te benaderen, waarbij onderliggende processen centraal staan in plaats van strikt afgebakende diagnoses. Dit perspectief biedt meer flexibiliteit, voorkomt zwart-wit-denken, vergroot de aandacht voor het individu en helpt gelijktijdige of opvolgende comorbiditeit beter te begrijpen en te verklaren (Heycop ten Ham et al., 2014).