De Staat van Migratie 2026

De Staat van Migratie 2026

2026 | migratiecijfers.nl
Gratis

Omschrijving

Wereldwijd waren eind 2025 ongeveer 117,8 miljoen mensen ontheemd. Dat is een afname van 4% ten opzichte van eind 2024. Ook migreerden er minder mensen naar Nederland. Het afgelopen jaar kwamen er bijna 307 duizend mensen naar Nederland, een daling van 3% te opzichte van 2024. Het migratiesaldo van Nederland was in 2025 94.690. Daarmee ligt het migratiesaldo voor het eerst sinds 2020 weer onder de 100.000. Mensen komen naar Nederland om te werken, stu-deren, voor hun gezin of om asiel aan te vragen.

Als een vreemdeling van buiten de EU naar Nederland komt om te werken, bij zijn familie te ver-blijven, te studeren, vanwege culturele uitwisseling of verblijf krijgt op humanitaire gronden noemen we dit reguliere migratie. Het gaat dan niet om een asielaanvraag. Het aantal afgegeven reguliere ver-blijfsvergunningen is afgenomen met 6% ten opzichte van 2024 en bedroeg 79.500 in 2025.

Ook migranten uit andere EU-lidstaten komen naar Nederland voor hun werk, studie of hun gezin. Migranten met een EU-nationaliteit hebben over het algemeen geen verblijfsvergunning nodig.

Daarom wordt niet gekeken naar het aantal verblijfsvergunningen maar naar registratie als inge-zetene, dat wil zeggen ingeschreven in de Basisregistratie Personen (BRP). Het aantal ingezetenen in Nederland dat geboren is in een andere EU-lidstaat is met 2% gestegen ten opzichte van 2023 (2024: 806.380). De grootste groep is geboren in Duitsland, gevolgd door Polen en België.

Daarnaast is er ook een grote groep Europese niet-ingezetenen.3 De grootste groep is geboren in Polen, gevolgd door Roemenië en België. Migranten uit de EU-114 hebben het vaak minder goed als het gaat om werk en inkomen dan migranten uit andere EU-landen.

In de afgelopen 10 jaar kwam ongeveer 12% van de migranten naar Nederland vanwege asiel. In 2025 is het aantal eerste asielaanvragen wederom afgenomen. Ten opzichte van 2024 is het aantal eerste asielaanvragen gedaald met 25% tot 24.070. In de EU is het aantal eerste asielaanvragen ook gedaald, met 27% (2025: 669.815). Het inwilligingspercentage van eerste asielaanvragen is gedaald naar 34%. Dit percentage was in 2024 nog 54%. De situatie in Syrië is veranderd, daarop is het beleid aangepast. Deze daling komt door deze wijzigingen in het beleid voor Syrische asielzoekers, in combi-natie met een aanzienlijk lager inwilligingspercentage voor asielzoekers met de Syrische nationaliteit.

Het aantal afgegeven tewerkstellingsvergunningen is in 2025 toegenomen ten opzichte van 2024. De toename komt met name door de verleende tewerkstellingsvergunningen (twv’s) aan asiel-zoekers. In 2025 zijn 23.390 twv’s verleend aan asielzoekers.5 In 2024 waren dat er 9.210. De Raad van State verklaarde op 29 november 2023 dat de beperking dat asielzoekers maximaal 24 weken in een periode van 52 weken mogen werken onverbindend is. Mede hierdoor is er een forse stijging in de arbeidsparticipatie van asielzoekers.

Wanneer een migrant naar Nederland komt om bij familie of gezin te zijn, kan het gaan om een reguliere verblijfsaanvraag of omdat iemand zich voegt bij een statushouder (iemand met een verblijfsvergunning asiel). Het aantal afgegeven reguliere vergunningen voor familie en gezin is in 2025 met 5% gedaald tot 32.040.

Houders van een asielvergunning kunnen gezinshereniging aanvragen. In beginsel betreft dit een aanvraag voor mvv-nareis. Voor onder anderen broers en zussen van een amv kan gezinshereniging worden aangevraagd op grond van artikel 8 EVRM. Het aantal ingewilligde aanvragen machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) nareis nam met 35% toe tot 17.870 in 2025. Ook het aantal ingewil-ligde aanvragen voor artikel 8 EVRM nareis nam toe, met 32% tot 5.160 in 2025. Overigens is in 2025 het aantal ingediende aanvragen wel aanzienlijk afgenomen ten opzichte van 2024. Deze afname hangt samen met een kleiner aantal ingewilligde asielaanvragen. In 2025 werden 54% minder eerste asielaanvragen ingewilligd dan in 2024. Ook vanuit de zij-instroom werden minder asielaanvragen ingewilligd (-42%).

Asielzoekers verblijven tijdens de asielprocedure in een opvanglocatie van het COA of in sommige gevallen buiten de opvang, bijvoorbeeld door gebruik te maken van de logeerregeling. Hoewel het aantal asielaanvragen in 2025 is gedaald en de instroom in de COA-opvang in 2025 met 79.830 lager 

was dan in 2024, was het aantal personen met recht op opvang door COA op 31 december 2025 hoger dan een jaar daarvoor (+10%). De bezettingsgraad van de COA-opvang was eind 2025 101%. Eind 2025 was 23% van de personen met recht op opvang statushouder (18.420). In 2024 was dit 26%.

Asielzoekers worden statushouders zodra hun asielaanvraag is goedgekeurd en zij een verblijfs-vergunning krijgen. Het COA koppelt deze statushouders aan gemeenten. Vervolgens moeten gemeenten de statushouders die aan hen zijn toegewezen huisvesten. In 2025 zijn 31.173 status-houders gehuisvest. 2025 is afgesloten met een achterstand van 8.932 op de taakstelling.

Ook de bezettingsgraad van de gemeentelijke opvanglocaties voor ontheemden uit Oekraïne ligt al geruime tijd tegen de 100%. Het aantal Oekraïense ontheemden en derdelanders uit Oekraïne dat wordt opgevangen in Nederland is verder gestegen naar 136.190.

Er zijn ook migranten die zonder geldige documenten de EU of Nederland binnenkomen. Dit noemen we irreguliere grensoverschrijdingen.Aan de Europese buitengrenzen was er in 2025 opnieuw een significante daling van het aantal irreguliere grensoverschrijdingen, met 26% ten opzichte van 2024, het laagste niveau sinds 2021.

Migratiebeleid omvat ook toezicht en vertrek. Op 9 december 2024 heeft Nederland de binnen-grenscontroles tijdelijk heringevoerd. Dit heeft in de periode 9 december tot en met 8 december geleidt tot 143.960 gecontroleerde personen aan de landsgrenzen met België en Duitsland, 530 personen aan wie bij binnengrenscontroles de toegang tot Nederland is geweigerd en 50 personen aan wie op luchthavens een terugkeerbesluit is opgelegd.

De meeste personen vertrekken zelfstandig, zonder hulp van de overheid. Een deel van het vertrek van vreemdelingen uit Nederland vergt wel inspanning van de overheid. Het aantoonbare vertrek uit de caseload van DTenV was in 2025 23% hoger dan in 2024. De caseload verwijst naar het aantal vertrekprocedures in behandeling bij DTenV. Dit komt door een grote toename van het zelf-standig vertrek door Syriërs en Mongoliërs. Beide groepen samen verklaren vrijwel de gehele toename van het percentage zelfstandig vertrek.